Het eindpunt van een route

31 oktober 2018

oorkonde EifelsteigHet heeft gevroren. De daken in het Duitse Kordel zijn wit berijpt. We zijn nog nooit zo vroeg vertrokken. Ik loop achteraan, over het brede bospad en hoor het knappen en knisperen van de beukennootjes en eikels onder mijn schoenen. Het is toch wel een bijzondere dag, denk ik.

Eifelsteig

Drie jaar geleden stonden we met zes wandelvrienden in Kornelimünster, even buiten Aken. Een plein met mooie vakwerkhuizen en het begin van de Eifelsteig. Het steegje tussen de huizen door ging direct over in een lang en akelig stijgend bospad. “Ik weet niet of ik dit leuk ga vinden”, dacht ik toen. Afzien is niet mijn ding, om het zo maar te zeggen.

Toch werd het lekker stappen die eerste dag. Een maand later volgde een tweede etappe, de maand daarna weer één. De heuvels gingen me steeds beter af en op vermoeide benen bleek ik toch altijd nog wel verder te kunnen. Wandeldagen werden wandelweekenden. Door alle seizoenen heen. Bij Einruhr was het bos getooid in herfstkleuren, bij Mirbach stonden de velden vol bloeiend herfststijloos en bij Hillesheim lag er sneeuw op de bospaden. Van ophouden was allang geen sprake meer. Wij gingen naar het eindpunt lopen.

Op de laatste etappe laat de route nog even haar ware aard zien. We stijgen en dalen, naar de hooggelegen ruïne van Schloss Ramstein en langs indrukwekkend hoge, rode rotspartijen. Over zigzaggende bospaadjes, over boomwortels en losse stenen. Net als er geen eind aan lijkt te komen en mijn benen moe beginnen te worden, komen we op een uitzichtpunt. In het dal beneden zie ik de Moezel schitteren. Het eindpunt zal niet ver meer zijn, denk ik. Maar waar is het?

Eindpunt

We zien het bijna allemaal tegelijk. Een eenzame paal. In een grasstrookje, naast een parkeerplaats en tegenover een verlaten restaurant. We staan erbij en kijken er naar. Begin- en eindpunt van de Eifelsteig. Bijna 300 km in de benen. Plichtmatig vraag ik een voorbijganger een foto van ons te maken. Je moet toch wat op zo’n moment. Maar voor ons gevoel zijn we er nog niet.

Trier ligt wat verderop, aan de overkant van de rivier. We dalen af en lopen niet veel later onder de Porta Nigra door. Massief, eeuwenoud, zwart uitgeslagen. Maar ook daar wil het gevoel maar niet komen. We stappen dus maar op de trein terug naar Kordel.

De lokale pizzeria lokt ons naar binnen. Onze rugzakken op de grond, de wandelstokken in de hoek. Niet veel later zitten we te eten. En dan komen er onverwacht prachtige oorkondes op tafel. Zelfgemaakt door Marc. Uitgereikt voor “Uithoudingsvermogen, doorzettingsvermogen en het hebben van de echte wandelgeest”. Het maakt me daar aan dat formicatafeltje opeens blij en trots. En ik ben niet de enige. Ik zie rond de tafel zes opgetogen wandelvrienden, tevreden met zich zelf en met elkaar. We zijn er. Het eindpunt. Het leven is even helemaal perfect.

Reacties op deze blog:

Inloggen of registreren (gratis) is nodig om een reactie of bericht te kunnen plaatsen.
  1. Henrie van Zoggel

    Mooi.

Steun ons